Lucia Smit 

Eenheid van het leven.

 

Aurora De Metaal heks:

Famke zit in haar kleine caravan en kijkt uit haar raam. Ze kan al maanden de slaap niet vatten. De slapeloosheid drijft haar tot wanhoop. Haar onrustige gevoel laat haar besluiten om verder te trekken met haar autootje. Ze rijdt naar Duitsland. Daar in de uitgestrekte bossen vindt ze een prachtige plek dicht bij een oude zilvermijn. De dagen verlopen rustig en kalm. Ze kan weer een beetje slapen maar het houdt niet over. Die nacht zit ze in haar caravan voor het raam. In de verte ziet ze kleine lichtjes uit de berg komen. Haar nieuwsgierigheid wint het van de angst. Ze doet haar jas aan en loopt naar de voet van de berg. Kleine steile trappen brengen haar naar het punt waar ze de lichtjes zag. Door een bergspleet kijkt ze naar binnen. Ze ziet een vergadering van Elfen. Dan als ze zich omdraait, staat er een jonge roodharige vrouw achter haar. Ze zegt: ‘Je bent precies op tijd’. Er verschijnt een gemene lach op haar gezicht. Wegkomen heeft geen zin op de smalle trap. De heks kan haar zo naar beneden gooien als ze dat wil. Samen lopen ze verder omhoog de berg op. Dan verschijnt er een grotere ingang waar ze makkelijk doorheen kunnen lopen. Door de vele gangen komen ze in het binnenste van de berg. De heks heeft de berg verlicht met lichtgroen licht. Overal ziet Famke mineralen in de muur zitten. De stenen geven de berg een magische uitstraling. De heks zegt: ‘Er moet voor de elfen gezorgd worden. Dat wordt jouw taak ‘. Famke voelt de doordringende warmte. De hele berg wemelt van de elfen die op en af rijden met stukken steen die ze in de overs gooien. De zweetdruppels druppelen langs Famke haar nek terwijl ze achter de heks aan loopt. ‘Het is de bedoeling dat de elfen gezond blijven. Daarom ga ik je lesgeven.’ Na een korte nacht slapen wordt Famke verwacht in de kamer van de heks. Deze kamer ligt heel diep onder de grond. Die dag leert ze alles over helende energie en wordt ze ingewijd. De metaalheks heeft de gave om lichtgevende energie door haar vingers naar buiten te laten stromen. De heks raakt Famke aan, Ze voelt de energie door haar lichaam gaan. Dan laat de heks een zieke elf bij zich komen. De elf heeft vreselijke pijn in zijn maag. Aurora legt haar handen op zijn buik. Famke ziet de huid van de elf verkleuren naar dieprood, zo warm is de huid. Als de heks klaar is heeft de elf geen pijn meer. Die avond gaat Famke samen met de heks in een diepe trance. Ze krijgen samen boodschappen door van alle heksen over de hele wereld. Dan roept de heks het vuur aan en bedankt het voor het verwarmen van het element metaal. Er komt een vibratie vrij en alle edelstenen in de muren van de mijn beginnen te gloeien. Famke is uitgedroogd en ze valt flauw tijdens de ceremonie. De diepe trance brengt haar op het randje van de dood. Ze zweeft boven haar lichaam en ziet zichzelf liggen. De vloek van de heks is krachtig en sterk. Na de ceremonie dragen de elfen Famke halfdood naar haar caravan in het bos. Famke zweeft mee en ziet hoe de elfen met haar lichaam sjouwen. Voorzichtig leggen de elfen haar op haar bed in de caravan. Ze vliegen terug naar de grot om eten voor Famke te halen. De elfen verbouwen in de berg witlof en bleekselderij en er staan potten vol met augurken, bonen, gedroogde kabeljauw en vruchten in suiker. De elfen nemen augurken en bonen mee naar Famke haar caravan. Famke ontwaakt nadat haar mond wordt ingesmeerd met een mengsel van een krachtige kruiden. Ze is dankbaar dat de elfen bonen en augurken hebben meegenomen. Ze heeft dagen nodig om te herstellen van de inwijding bij de heks. Ze zal één jaar en één dag in dienst zijn bij de metaalheks. De dagen daarna zijn gevuld met lessen over helende energie die via de handen overgebracht kan worden. De energie die de heks uitstraalt, voelt bij Famke ijskoud. Het gaat dwars door haar lichaam heen naar haar vingers. Dan voelt ze bubbeltjes. Het zijn schokjes elektriciteit die door haar vingertoppen naar buiten komen. De ruimte verlicht ze met groen licht. Famke moet van de heks een kring maken van grote stenen. Het is de bedoeling dat de energie dan niet kan ontsnappen. Het oefenen gaat eindeloos lang door totdat het haar lukt om de groene energie te laten veranderen in een gouden gloed. In het inwijdingsproces leert ze verschillende technieken. Ze vindt plaatsen in de mijn waar positieve energie vrijkomt en houdt daar ceremonies bij volle en nieuwe maan. De heks leert Famke de wetten van healing. Haar energiepeil stijgt tot ongekende hoogte. De kring die ze maakt wordt steeds groter. De energie daarbinnen verkleurd als die van een regenboog. Alle kleuren stromen in elkaar over. In het bos bij haar caravan verzamelen zich steeds meer insecten die beschutting bij haar zoeken. Famke is in staat om te toveren met haar handen. De energie die vrijkomt smelt de insecten aan elkaar. Er ontstaat een wezen van 3 meter hoog. Het beest beschermt haar tegen de gewelddadige weerwolven en trollen. Famke kan het wezen ook weer omtoveren in miljoenen insecten. Haar caravan en de grond is bezaaid met allerlei kevers, torren, gloeiwormen en spinnen. De beestjes nemen allemaal veren mee naar de caravan en leggen deze op Famke haar bed. De elfen bedekken Famke met de veren deken. Zelfs in haar slaap laat ze energie vrijkomen in allerlei kleuren. Het licht gloeit door de veren heen. De energie heeft een ontzettende aantrekkingskracht op de insecten. Dit zorgt ervoor dat nog meer insecten naar haar toe komen. De caravan heeft een lichtgroene kleur die overgaat naar paars en blauw. Als de volgende dag de zon opkomt en de vochtige damp optrekt, wordt Famke wakker. Als ze opstaat merkt ze dat alle veren aan haar rug zijn vastgegroeid. Wat ze ook probeert de veren laten niet meer los. Uit pure wanhoop springt ze in de dichtstbijzijnde vijver om de veren los te weken. Maar in plaats dat ze wegspoelen, nemen ze een geordende plek in op haar rug. Famke stapt uit de vijver en laat de veren drogen in de zon. Uit het niets verschijnen de elfen. Met hun zachte handen strijken ze de veren op hun plaats. Met een klein flesje smeren ze de veren in. Er verschijnt een glimmend zwart laagje dat de veren op elkaar laat aansluiten. Wanhopig kijkt Famke naar haar nieuwe ledematen. Dan zonder daar invloed op te kunnen uitoefenen slaat de wind toe onder haar veren en langzaam gaat ze een stuk omhoog. De wind draagt haar boven de hoge dennenbomen naar de blauwe lucht. Na een hele dag oefenen, vliegt Famke om de zilvermijn en landt op de grote berg. Het begint al schemerig te worden als de heks uit het niets verschijnt. Ze ziet er prachtig uit. Haar kleding bestaat uit pure zijde. In haar hand heeft ze drie gouden sleutels. Als Famke haar aankijkt, opent zich een derde oog op haar voorhoofd. Het oog is violet van kleur. De grote pupil straalt een helder licht uit. Aurora zegt tegen Famke: ‘Ik heb hier drie sleutels. Elke sleutel beïnvloedt de tijd op een speciale manier. De eerste sleutel brengt je verder in de tijd. Sleutel twee brengt je terug in de tijd. En sleutel drie zet de tijd stil.’  De heks begint krijsend te lachen. Ze zegt: ‘De sleutels kun je maar één keer gebruiken. Het is de bedoeling dat je de sleutels gebruikt voor je eindexamen.’  Het geluid van de heks draagt ver over het gehele dal. Het is al donker geworden en groen licht stijgt op uit de bossen. Miljarden vliegjes vormen allemaal kleine sterretjes. De vuurvliegjes maken Aurora nog mooier.  Het groene licht verlicht haar schoonheid. De kleine sterretjes weerkaatsen op haar zijden kleding. Haar huid krijgt een metaalachtige glans. Aurora geeft Famke de drie sleutels. Famke pakt de drie sleutels aan. De heks zegt: ‘Je opdracht is om je eigen verleden te veranderen. De drie sleutels kun je gebruiken om het lot wat je hebt ondergaan te veranderen.’  Famke besluit om terug te gaan naar Nederland, maar dat kan ze niet met de vleugels die ze op haar rug heeft zitten. De heks belooft Famke te helpen met het onzichtbaar maken van haar vleugels. Ze krijgt een magische meteoriet die ze altijd moet dragen. Famke doet de ketting om haar nek. De steen begint heldergroen licht uit te stralen. Haar vleugels vervagen en ze zijn niet meer zichtbaar. Als Famke ‘s avonds de ketting afdoet zijn haar vleugels weer terug. Die nacht vliegt Famke over het uitgestrekte dennenbos. In het bos vindt ze een grote stok. Ze besluit hier een bezem van te maken. Daarmee kan ze zonder argwaan bij de andere heksen aan vliegen. De volgende ochtend vertrekt ze vroeg uit het bos en gaat op weg naar huis. Na lang zoeken, weet ze een plekje te veroveren net buiten Amsterdam, op een oud industriegebied. Daar bivakkeren hippies en een grote groep stadsnomaden. Het terrein is begroeid met struiken die dicht tegen elkaar aan groeien. Er zijn smalle paadjes die alle caravans en tenten met elkaar verbinden. Op kleine stukjes land zijn kleine moestuintjes aangelegd. Het stuk land wordt omgeven door water. Op het water zijn eilandjes gemaakt van piepschuimen blokken die aan elkaar geknoopt zijn met oude visnetten. Daarop groeien allerlei kruiden en planten. De eilandjes zijn verbonden door bruggetjes van touw. Op de piepschuim blokken staan kleine huisjes die zijn vervaardigd uit sloophout. Tegen de huisjes groeien klimrozen. Alle huisjes hebben daken van oud zeil. Als Famke haar caravan geïnstalleerd heeft belooft ze de bewoners om mee te helpen.

Die avond komen de eerste vuurvliegjes bij haar aan. Al gauw zijn het miljarden vliegen. Ook andere insecten verzamelen zich rond haar caravan. Torren, kevers, spinnen en grote groepen bijen nestelen zich in de bijenkorven die verscholen staan tussen de vele struiken. Famke begint met de aanleg van een mini wijngaard met aansluitend een kruidentuin. Naast haar caravan plaatst ze drie boomstammen met daarin haar grote heksenketel. De eerste slangen verschijnen in de wijngaard en in de kruidentuin groeit al snel de eerste plant. De grond is kleiachtig en zeer vochtig. In potten heeft ze aromatische kruiden geplant, tijm, rozemarijn en goudsbloem. De bewoners van het kleine stadsnormadenkamp verzamelen spullen die ze in het centrum van Amsterdam vinden. Famke gebruikt oude gootstenen en vult deze met aarde. Door het gat van de gootsteen kan overtollig water goed wegstromen. Ze heeft ook oude theepotten van koper en van aardewerk die ze vol stopt met aarde en allerlei kruiden zoals salie, peterselie, selderij, dragon, munt, basilicum, koriander, tijm, dille, gemberplant en marjolein. In plastic afvoerbuizen maakt ze inkepingen en hangt deze op tegen de zelfgemaakte schuttingen van sloophout. De kruiden groeien zo snel dat de schutting geheel bedekt is met groene planten. De vele struiken heeft ze gesnoeid tot de bodem. In de tuin maakt ze van sloophout en oud glas een overwinterplaats voor de vele potten met kruiden. De dagen en maanden rijgen zich aan elkaar en ze vergeet de heks en de drie gouden sleutels. Dag in dag uit is ze bezig in haar tuin. Ze sleept met emmers en zinken teilen waar ze kleine gaatjes in boort. Ze vult ze met aarde en planten, zoals engelwortel, smeerwortel, alant, munt en citroenmelisse. In oude aardbeienpotten stopt ze bosaardbei, kruiptijm en oost Indische kers. Het besproeien van de kruiden doet ze met het water wat rond het eiland aanwezig is. Alle bewoners nemen stekjes voor Famke mee die ze tegenkomen rond de stad. Al gauw begint het eiland op een oase te lijken. De wilde kamille groeit weelderig net zoals duizenden andere bloemen. De potten met lavendel dragen hun parfum tot ver buiten de tuin. Famke droogt alle kruiden en maakt er kruidenthee van. Één van haar favoriete kruiden is pepermunt. In haar heksenketel maakt ze geneeskrachtige recepten. Het is een warme dag en Famke maakt een verkoelende kruidenthee van gedroogde kamille, paarse basilicum, waterhennep, duizendblad, pepermunt en citroenmelisse. De heksenketel is gevuld met zuiver water zonder een enkel spoor van vervuiling. Ze gooit de kruiden in een witte katoenen doek en maakt de doek dicht met een touwtje. De geurige thee wordt gedragen door de wind. Het gebeurt steeds vaker dat er bewoners van Amsterdam en omstreken langsfietsen en het eiland willen bezoeken. In haar caravan heeft ze een klein winkeltje waar ze haar zelfgemaakte zalven en dranken verkoopt. Op een drijvend terras liggen grote oude kleden met daarop kleine lage tafeltjes, die prachtig gedekt zijn met schaaltjes en kleurrijke flesjes met veldbloemen. De bezoekers kunnen zitten op grote kussens rond de gedekte tafels. Famke serveert zelf haar verkoelende kruidenthee samen met een salade van groene sla, brandnetelkaas, kwarteleitjes en zelfgemaakt brood. Haar winkeltje wordt druk bezocht, De meest verkochte drank is Antihistamine, een mix die helpt tegen hooikoorts. Dit maakt ze van plantaardige glycerine uit frituurvet en alcohol uit pure suiker. Famke gebruikt verse gedroogde kruiden die ze 3 weken laat trekken. Dagelijks gaat het kruidenmengsel door een zeef om het vocht eruit te persen. Dit vocht doet ze in kleine flesjes die ze te koop aanbiedt. Op het label staat dat het gemaakt is uit echte kamille, citroenmelisse, hondsdraf, Echinacea (zonnehoed) en agrimonie (witte oogvlek). Alles komt uit haar eigen tuin. Er is veel vraag naar deze drank. Ook haar zalven van kokosolie, goudsbloemblaadjes, kamille en, lavendelbloempjes zijn erg in trek. De zalf helpt tegen eczeem op handen waarvan de beschermlaag niet meer goed werkt. De handen moeten ’s avonds en ‘s morgens ingesmeerd worden. Voor het insmeren moet eerst rozenwater gebruikt worden. Famke maakt het rozenwater uit de vele witte rozen die in haar tuin bloeien. Ze kookt de blaadjes in haar heksenketel met zuiver bronwater. Het vuur onder haar heksenketel brandt dag en nacht. Ook haar wietolie die ze zelf maakt, verkoopt ze in kleine flesjes. Rond haar caravan groeien grote wietplanten die een doordringende lucht verspreidde. Famke gebruikt de olie zelf ook. Haar probleem met slapen is nog steeds niet echt verbetert. Als alle gasten verdwenen zijn valt er weer rust over het eiland. Famke is alleen, want de overige bewoners zijn naar een festival aan de rand van de stad. Die nacht is het volle maan. Het is een heldere nacht zonder bewolking. Famke zit voor haar raam van haar caravan als ze lange slierten groen licht langs de maan ziet glijden. Het groene licht komt in hoge snelheid dichterbij. Als het groene licht landt, wordt het hele eiland verlicht. Midden in het bloemenveld staat een vrouw die verlicht wordt door het schijnsel van de maan. Het is Aurora die over het veld naar de caravan glijdt. Famke verstijfd bij het zien van de heks. Met een hoge schelle stem zegt de heks: ’Je was mij toch niet vergeten’. ‘Nee’ zegt Famke, ‘ik was u niet vergeten. De voorbereiding voor mijn examenopdracht heeft iets langer geduurd.’ ‘Iets langer’ zegt de heks, ‘je woont hier al bijna twee jaar.’ Famke geeft aan dat ze niet heeft kunnen bedenken wat ze met die sleutels aan moet. De heks begint boosaardig te lachen. ‘Het is de bedoeling dat je de eigenaar van jullie voormalige familiebedrijf gaat vermoorden. Deze man heeft het bedrijf dat vele generaties jullie eigendom was op een zeer gewiekste manier van jullie afgepakt. Door zijn hebzucht zit jij in diepe schulden.’ Aurora lacht en zweeft op de bezem van Famke door de moestuin. Ze wordt omringd door lichtgevende vuurvliegjes. De huid van de heks schittert in het licht. Dan zegt ze kil: ‘Je hebt tot eind van de maand om je opdracht af te maken. Voldoe je niet aan mijn eisen dan verander ik je in een huiskat.’ Gillend van het lachen vliegt ze weg. Famke is behoorlijk overstuur. Wanhopig gaat ze op zoek naar de voormalige zakenpartner van haar ouders. Na een onderzoek van meerdere dagen is ze hem op het spoor. Via zijn secretaresse maakt ze een afspraak. In haar wicca boek zoekt ze naar een spreuk om haar uiterlijk te veranderen. Ze verandert haar gelaatsuitdrukking met een krachtige spreuk. In haar kleding kruipen giftige insecten (Triatoma infestans). Deze beestjes zullen de dodelijke opdracht gaan uitvoeren. Precies rond 11.30 uur arriveert Famke bij de fabriek van haar overleden ouders. De secretaresse loopt samen met Famke de kantoorruimte in. De man in de kamer herkent Famke niet. Hij is dik en draagt een klein brilletje met dikke brillenglazen. Zijn nek is verdwenen door al het vet rond zijn gezicht. De man is in enkele jaren ontzettend veranderd. Van slank en jong naar dik en slechtziend. Famke heeft haar toverspreuk tot in de kleinste details geperfectioneerd. Ze tovert een prachtige jonge vrouw met lang rood haar die sprekend lijkt op Aurora. De man is zichtbaar onder de indruk van de vrouw. Famke vertelt wat de medewerker allemaal kan. De menselijke slaaf die onder aurora haar toverspreuken bezwijkt kan alle simpele dingen doen rond een bedrijf.  De man is onder de indruk van de toverspreuk. De vrouwen die Aurora met een toverspreuk heeft bewerkt zijn dag en nacht inzetbaar. Hij wil de toverspreuk onmiddellijk kopen. Hij vraagt of ze ook een kant en klare spreuken kan leveren. Famke zegt: ‘Geen probleem, alles is mogelijk’. Als ze weggaat, maakt ze een vervolgafspraak. In haar caravan maakt ze een toverspreuk zo krachtig waarmee ze iedereen in haar macht heeft. Met Haar toverkracht moet ze tot het uiterste gebruiken voor deze moeilijke opdracht. De gouden sleutels gaat ze gebruiken om de eigenaar te verwisselen voor Aurora. Ze moet bedenken hoe ze de kopie meeneemt naar de fabriek. Het lijkt haar het beste om de tijd stil te zetten met sleutel 3. Als ze met de roodharige Aurora naar de fabriek verstrekt, heeft ze in een rolstoel de kopie van de eigenaar die bedekt is met een witte zak. De secretaresse heeft geen enkele achterdocht en laat Famke doorlopen. De man achter het bureau wordt geheel overvallen met wat er gebeurt. De tijd zet Famke stil met haar gouden sleutel. Ze verwisselt de mannen en loopt met de eigenaar uit de fabriek. In de auto pakt ze haar gouden sleutel en zet de tijd weer aan. Ze verstopt de directeur in een ruimte onder haar caravan. Haar ontvoering blijft niet onopgemerkt. Al gauw verschijnt er politie op het eiland. Famke gebruikt sleutel twee om de tijd achteruit te zetten en vervoert de man naar de opstijgplaats voor heksen. Ze bindt de man vast aan de bezem. Ze heeft hem bedwelmd met een krachtig kruid. Ze vliegt met een noodgang naar de heks in de Zilverberg. Als de man weer bijkomt, staat hij oog in oog met de echte Aurora. Famke laat de insecten die in haar kleren zitten naar de man toe kruipen. De beestjes bijten zich vast in de huid van de man en zuigen zich vol met zijn bloed. De insecten lozen hun darmen in de man. De man draagt nu miljarden parasieten in zijn lichaam. Zijn verblijf bij de heks is van korte duur, omdat de insecten hem van binnen geheel opeten. Dan reist Famke met haar eerste sleutel weer verder in de tijd. Ze arriveert weer precies op tijd als de politie bij haar aanklopt. De politie kan niets vinden op haar moestuintje. Ze wordt verhoord maar Famke ziet er zo armoedig uit en woont zo simpel in het nomadendorp. Ze is al gauw geen verdachte meer. Die nacht is het volle maan. Famke ligt in bed en kijkt naar het plafond van haar kleine caravan. Uit het niets verschijnt haar diploma die op haar bed dwarrelt. Famke is dolblij dat ze van de metaalheks af is.

Toutlemondephotography: